Bespaar energie op school: praktische opdracht leerlingen

Energie besparen is een belangrijk thema binnen duurzaamheid en burgerschap. Met deze opdracht leren leerlingen hoe ze zelf energie kunnen besparen en maken ze een actieplan voor school.

Op school wordt dagelijks veel energie verbruikt. Bijvoorbeeld voor verlichting, computers, digibord en verwarming. Leerlingen staan hier vaak niet bij stil, terwijl kleine veranderingen best een verschil kunnen maken. Door hen bewust te maken van hun eigen invloed op energieverbruik, leren ze verantwoordelijkheid nemen en actief mee te denken over oplossingen.

In deze blog deel ik een werkblad dat je direct kunt inzetten in de klas. De opdracht is in principe voor de onderbouw, maar zou ook in bovenbouw vmbo ingezet kunnen worden. Onderaan deze blog kan je het werkblad downloaden.

De opdracht: onderzoek en actie

De opdracht Energie besparen op school bestaat uit twee delen: een klein onderzoek en een actieplan. Leerlingen maken daarna een poster over het besparen van energie en vervolgens presenteren ze de poster voor de klas.

  1. Onderzoek
    • Leerlingen observeren hun eigen klaslokaal en andere ruimtes in de school om in kaart te brengen waar energie wordt verbruikt.
    • Ze maken een lijst van apparaten en lichtbronnen die energie verbruiken.
    • Ze noteren plekken waar onnodig energie wordt verspild, bijvoorbeeld lampen die aan blijven in lege lokalen of computers die niet worden uitgeschakeld.
    • Ze zoeken naar eenvoudige manieren om energie te besparen.
  2. Actieplan
    • Leerlingen bedenken concrete maatregelen om energie te besparen op school.
    • Ze maken een poster of presentatie waarin ze hun ideeën presenteren aan de klas.
    • Eventueel kunnen ze een kort voorstel schrijven voor de schoolleiding of conciërge.

Hoe je de opdracht in de les kunt inzetten

  • Individueel of in groepjes: Leerlingen kunnen zelfstandig werken of samenwerken aan een actieplan.
  • Vakoverstijgend: mens & maatschappij, Nederlands, aardrijkskunde, burgerschap etc.

Gratis download: werkblad energie besparen

Om deze opdracht direct in de klas te gebruiken, kun je hier het bijbehorende werkblad downloaden. Dit helpt leerlingen om hun observaties en ideeën gestructureerd uit te werken.

Gratis werkblad – Energie besparen op school

Download het werkblad Bespaar energie op school

Activerende werkvorm: begrippen oefenen met dobbelsteen

Wil je dat je leerlingen op een actieve manier met begrippen oefenen? Dan is deze werkvorm met een dobbelsteen een leuke manier om het leren interactief te maken. Het is eenvoudig voor te bereiden en je hebt er geen digitale middelen voor nodig.

Waarom zou je deze werkvorm inzetten?

Begrippen of woordjes leren kan soms saai zijn. Of misschien gebruik je altijd een digitale tool zoals Quizlet om begrippen of woordjes te overhoren. En zou je ter afwisseling ook eens een andere werkvorm willen inzetten zonder digitale hulpmiddelen. Deze activerende werkvorm helpt leerlingen om begrippen beter te begrijpen en toe te passen.

Hoe werkt de activerende werkvorm met een dobbelsteen?

Met deze werkvorm oefenen leerlingen begrippen door middel van een dobbelsteen. Afhankelijk van het gegooide getal voeren ze een verschillende opdracht uit. Dit helpt hen de begrippen beter te onthouden en in context te plaatsen.

Voorbereiding voor de docent.

  1. Maak een lijst met begrippen die de leerlingen moeten leren. Dit kan uit de lesmethode komen of een zelfgemaakte lijst zijn.
  2. Maak zes opdrachten en koppel deze aan de cijfers op de dobbelsteen. Bijvoorbeeld:
    • 1: Leg het begrip uit in je eigen woorden.
    • 2: Geef een voorbeeld waarin het begrip voorkomt.
    • 3: Teken het begrip (net zoals bij Pictionary).
    • 4: Gebruik het begrip in een zin.
    • 5: Vraag een medeleerling om het begrip uit te leggen.
    • 6: Kies een ander begrip en leg het verschil uit. (Je kunt natuurlijk andere opdrachten koppelen aan de nummers, kijk wat bij jou en je les past)
  3. Maak vervolgens begrippenkaartjes door deze te printen of op losse papiertjes te schrijven. Als je de kaartjes vaker wil gebruiken is het ook een idee om ze te lamineren.
  4. Print per groepje een opdrachtenkaart met de zes opdrachten. Ook hierbij is het handig om te lamineren als je het vaker gaat gebruiken.
  5. Deel de klas in groepjes (gebruik bijvoorbeeld de online groepenmaker. Het is handig om de groepen al eerder samen te stellen en hier een slide van te maken zodat je het snel op je bord kunt zetten.
  6. Zorg voor voldoende dobbelstenen. Grote dobbelstenen zijn handig, omdat ze minder snel kwijt raken. Je kunt bij de Action of Hema vaak van die grote en zachte dobbelstenen kopen. Of online bestellen kan natuurlijk ook.
  7. Maak een instructieslide in PowerPoint, LessonUp of Google Slides. Zet daar de instructie in van het spel, zodat leerlingen dat kunnen gebruiken.

Uitvoering in de klas

Benodigdheden per groep:

  • Een dobbelsteen
  • Een stapel begrippenkaartjes
  • Een opdrachtkaart met de zes opdrachten
  • Een pen en een blad voor aantekeningen

Instructie voor op het bord

  • Stap 1 – bepaal wie er begint.
  • Stap 2 – Pak een begrippenkaart en gooi de dobbelsteen.
  • Stap 3 – Voor de opdracht uit die hoort bij het gegooide cijfer. Een andere leerling schrijft op welk begrip het was, welk nummer er gegooid is en of het antwoord goed of fout was.
  • Stap 4 – Daarna is de volgende leerling aan de beurt. Speel twee rondes. Vergeet het aantekeningenblad niet in te vullen

Instructie begrippen oefenen met dobbelsteen

Geef elk groepje een dobbelsteen, een stapel begrippenkaartjes en een blad voor
aantekeningen.

  1. Laat een leerling een begrippenkaartje pakken en de dobbelsteen gooien.
  2. De leerling voert de opdracht uit die hoort bij het gegooide cijfer.
  3. De rest van het groepje controleert of het antwoord goed is (eventueel met een boek
    of woordenlijst erbij). Een andere leerling uit de groep maakt een korte aantekening:
    welk begrip werd er genoemd, welk cijfer was er gegooid en was het antwoord goed?
  4. Speel het niet te lang, laat iedere leerling één of twee keer gooien.

Afronding & Reflectie

Laat aan het eind van de opdracht de aantekeningen inleveren en bespreek kort:

  • Hoe ging het?
  • Wat viel op?
  • Welke opdracht vonden leerlingen het makkelijkst of juist het moeilijkst?

Door deze korte reflectie stimuleer je leerlingen om na te denken over hun eigen leerproces.

Variaties werkvorm

  • Maak verschillende niveaus begrippenkaartjes. Je kunt hier ook verschillende kleuren voor gebruiken.
  • Voeg een tijdslimiet toe voor extra uitdaging.
  • Laat leerlingen hun eigen opdrachten bedenken en kies er daarna een paar uit en pas het opdrachtenblad aan.

Download gratis het werkblad – Activerende werkvorm – Begrippen oefenen met dobbelsteen

Wil je deze werkvorm proberen in jouw klas? Download hier gratis de opdrachtenkaart en begrippenkaartjes!

Heb je deze opdracht gebruikt in je les? Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen! Laat een reactie achter of deel je feedback.

Zoek je meer activerende werkvormen? Neem dan regelmatig een kijkje op mijn website voor nieuw lesmateriaal of praktische opdrachten voor in de klas.

Lesmateriaal LOB – Help leerlingen hun kwaliteiten ontdekken

Veel leerlingen vinden het lastig om te benoemen waar ze goed in zijn. Als je ze naar hun hobby’s vraagt kunnen leerlingen vaak zo een lijstje opnoemen, maar vraag ze naar hun kwaliteiten en het blijft vaak stil. Terwijl het juist zo belangrijk is om te weten wat je sterke punten zijn – of je nou een vervolgopleiding kiest, een stage zoekt of een sollicitatiegesprek hebt.

Daarom heb ik twee werkbladen gemaakt waarmee leerlingen stap voor stap ontdekken waar ze goed in zijn. Eerst individueel, daarna samen met een klasgenoot.


Werkblad 1: Individueel – Wat zijn jouw kwaliteiten?

In dit werkblad gaan leerlingen zelfstandig aan de slag. Ze krijgen een lijst met verschillende kwaliteiten en kiezen welke eigenschappen bij hen passen. Denk aan:

  • Samenwerken;
  • Doorzetten;
  • Creatief denken;
  • Plannen en organiseren;
  • Probleemoplossend werken.

Daarna beantwoorden ze een paar vragen.


Werkblad 2: In tweetallen – Wat zijn jouw kwaliteiten (tweetallen)

In dit werkblad gaan leerlingen met een klasgenoot in gesprek. Ze geven elkaar feedback en benoemen kwaliteiten die ze bij de ander herkennen.

Door samen te werken, leren leerlingen niet alleen hun eigen kwaliteiten beter kennen, maar ook om positieve feedback te geven en ontvangen.


Je kunt deze opdracht los inzetten of als voorbereiding op een loopbaangesprek. Ook handig in mentorlessen of bij LOB-gesprekken.

Tip: probeer deze opdrachten eerst eens zelf te maken. Probeer de het eerste werkblad voor jezelf in te vullen. Wat zijn jouw eigen kwaliteiten als docent? Ook de tweede opdracht zou je kunnen doen bijvoorbeeld met een collega. Zo is het ook makkelijker om in te zetten in de klas, omdat je het zelf ook al een keer hebt gemaakt en zelf misschien bewuster bent geworden van wat je eigen kwaliteiten zijn.

Ik ben benieuwd hoe deze opdracht in de klas is gegaan. Stuur je ervaringen of reacties hieronder in via de reacties of stuur me een berichtje.

Mentorles: maak een tijdcapsule

Tijdcapsule maken in de mentorles – Gratis werkblad

Wil je een interessante en betekenisvolle opdracht voor je mentorles? Laat je leerlingen dan eens een tijdcapsule maken. Dit helpt hen om na te denken over wie ze nu zijn, wat ze belangrijk vinden en hoe ze hun toekomst zien. Dit maakt het een waardevolle activiteit om aan het begin of einde van het schooljaar te doen.

In deze blog lees je hoe je dit eenvoudig kunt doen. Je kunt het werkblad met deze opdracht gratis downloaden.

Wat heb je nodig?

Een doos of kist voor de tijdcapsule. Een plastic opbergbak bijvoorbeeld van de Action kan
bijvoorbeeld ook.

  • Enveloppen (voor elke leerling één).
  • Papier, pen, gekleurde pennen, stiften. (Is handig om in het lokaal een
    soort knutselbak te hebben met stiften etc.)
  • Optioneel: kleine persoonlijke items die in de capsule passen (foto,
    muntje, etc.)
  • Eventueel een mobiele telefoon om foto’s te maken van de items.

Planning voor de mentorles voor het maken van een tijdcapsule

Voorbereiding – Het is handig om een week van te voren aan te kondigen dat je deze opdracht met de klas gaat doen. Zo kunnen leerlingen spulletjes verzamelen en ze meenemen als je aan de slag gaat met de tijdcapsule.

Stap 1: Introductie (10 minuten)
Leg de leerlingen uit wat een tijdcapsule is. Vertel dat ze iets gaan maken wat pas aan het eind van het schooljaar geopend wordt.
Je kunt vertellen dat dit wordt gedaan om herinneringen vast te leggen of om
later in te zien hoe je veranderd bent

Stap 2: Brief schrijven en spullen inpakken (30 minuten)
Geef elke leerling een envelop waarin ze persoonlijke dingen stoppen die voor hen belangrijk zijn op dit moment. Geef de leerlingen voldoende tijd om hier goed over na te denken. De instructie voor de leerling heb ik uitgeschreven in het werkblad. Het werkblad kan je onderaan downloaden.

Stap 3: Verzamel de bijdragen (5 minuten)
Verzamel alle enveloppen en eventuele persoonlijke voorwerpen. Deze worden in de tijdcapsule (doos/kist) gestopt. Maak er een speciaal moment van.
Je kunt er ook voor kiezen om foto’s te maken van de items. Stel dat er wat misgaat,
dan heb je in ieder geval de foto’s nog.

Stap 4: Afsluiting en reflectie (5 minuten)
Aan het eind van het jaar ga je de tijdcapsule openen met de leerlingen. Je kunt kort bespreken wat leerlingen hiervan verwachten.

Eventuele voorbeeldvragen voor de reflectie:

  • Wat denk je dat er veranderd zal zijn als we de tijdcapsule openen?
  • Hoe verwacht je dat je naar jezelf en je keuzes van nu zult kijken?

Stap 5: Terugkijken
Aan het eind van het schooljaar open je de tijdcapsule met de leerlingen. Laat
de leerlingen hun enveloppen bekijken en de brief lezen die ze geschreven
hebben. Wat is er veranderd? Wat is hetzelfde gebleven?

Je kunt dit bijvoorbeeld de laatste schooldag doen als je de rapporten meegeeft
aan de leerlingen. (als je dit doet op school) Of tijdens de laatste mentorles.
Je kunt het moment ook uitstellen en het bijvoorbeeld pas openen als de
leerlingen in het examenjaar zitten. Of als ze hun diploma ophalen.

Tijdcapsule maken digitale variant

  • Digitale brief schrijven aan toekomstige zelf: FutureMe: Write a Letter
    to your Future Self
  • PowerPoint laten maken en laten inleveren. (Dia’s met herinneringen
    en brief. Eventueel aanvullen met foto’s en plaatjes)

Gratis werkblad downloaden

Om het makkelijk te maken, heb ik een kant-en-klaar werkblad gemaakt dat je direct in je les kunt gebruiken.

Download het hieronder en ga aan de slag.

Veel succes met deze opdracht.

Heb je de tijdcapsule gebruikt in je les? Laat het weten in de reacties of stuur mij een e-mail!

Lesmateriaal tijdvak 4: lesideeën ambachten

Hoe werkten mensen vroeger en welke rol speelden ambachten in de middeleeuwen? Met deze twee gratis werkbladen ontdekken leerlingen op een actieve manier hoe bakkers, smeden en andere ambachtslieden hun vak uitoefenden.

Doelgroep: vmbo geschiedenis of mens & maatschappij.

Twee gratis opdrachten over ambachten voor de onderbouw

1. Werkblad: Ambachten in de middeleeuwen

Doel: Na deze opdracht kunnen leerlingen uitleggen wat een ambacht is, welke ambachten er in de middeleeuwen waren en van een ambacht een voorbeeld noemen met de bijbehorende werkzaamheden.

In deze opdracht gaan leerlingen een pagina maken voor een ambachtsgids. Eerst onderzoeken leerlingen individueel (of eventueel in tweetallen) een ambacht uit de middeleeuwen, daarna gaan ze praktisch aan de slag en maken ze een pagina over een ambacht naar keuze.

Lesidee – hoe kan je deze opdracht gebruiken in de klas?

  • Start je les met een woordweb en vraag de leerlingen welke ambachten ze bijvoorbeeld al kennen.
  • Vervolgens geef je kort uitleg over ambachten en gilden in de middeleeuwen en daarna gaan de leerlingen aan de slag met de opdracht.
  • Je kunt de verschillende pagina’s daarna bundelen en laten zien in de klas.

Meer lezen over ambachten? Bekijk de website van het Openluchtmuseum voor achtergrondinformatie. Hier staan ook interessante video’s om in de les te laten zien.

2. Werkblad – Maak een advertentie over een ambacht

In de opdracht gaan leerlingen eerst een ambacht naar keuze onderzoeken. Daarna ontwerpen ze een advertentie voor een ambacht.

Doel: Na deze opdracht kunnen leerlingen uitleggen wat een ambacht in de middeleeuwen was en welke taken en vaardigheden daarbij hoorden. Ze kunnen daarnaast een advertentie maken die past bij die tijd en die mensen overtuigt om voor dat ambacht te kiezen.

Lesidee – hoe kan je deze opdracht gebruiken in de klas?

  • Start de les met een soort brainstorm: hoe wisten mensen in de middeleeuwen welke ambachten er waren? Wat zouden beweegredenen geweest zijn van mensen vroeger om voor een bepaald ambacht te kiezen?
  • Bespreek daarna in de klas hoe advertenties er nu uitzien en hoe dat in de middeleeuwen anders was.
  • Laat vervolgens leerlingen een ambacht kiezen en onderzoek doen naar de werkzaamheden en producten.
  • Vervolgens maken leerlingen hun eigen middeleeuwse advertentie, op papier of digitaal.
  • Sluit af met een korte presentatie waarbij leerlingen elkaars advertenties bekijken en vergelijken.

Heb je deze opdracht gebruikt in je geschiedenisles? Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen! Laat een reactie achter of deel je feedback, zodat we samen het lesmateriaal voor geschiedenis nog beter kunnen maken.

Wil je meer ideeën voor geschiedenis of vakoverstijgende opdrachten? Of zoek je juist activerende werkvormen? Neem regelmatig een kijkje op mijn website voor nieuw lesmateriaal voor geschiedenis en praktische opdrachten voor in de klas!

Lesmateriaal LOB – interview

LOB voelt voor veel leerlingen als iets waar ze pas over na hoeven te denken als het écht moet. Dus bijvoorbeeld bij hun profielkeuze of als ze op stage gaan. Maar hoe eerder leerlingen een beeld krijgen van verschillende beroepen en wat wel of niet bij ze past, des te beter.

Opdracht LOB – interview

Daarom een opdracht die je vrij makkelijk in je LOB of mentorles kan toepassen: leerlingen interviewen iemand over zijn of haar beroep.

Het idee is simpel: leerlingen kiezen iemand uit hun omgeving – een ouder, buurvrouw, vriend of kennis – en stellen vragen over hun werk. Wat doet diegene precies? Hoe is hij of zij daar terechtgekomen? Wat vindt die persoon leuk (of juist niet) aan het werk?

Dit helpt leerlingen niet alleen om na te denken over hun eigen toekomst, maar ook om vaardigheden als vragen stellen en doorvragen te oefenen. Je zou deze opdracht zelfs samen met het vak Nederlands kunnen geven als vakoverstijgende opdracht. LOB. Voor veel leerlingen voelt het als iets waar ze pas over na hoeven te denken als het écht moet – bij hun profielkeuze of stage. Maar hoe eerder ze een beeld krijgen van verschillende beroepen, hoe beter.

LOB-opdracht: interview iemand over zijn of haar beroep

Waarom zou je deze opdracht in de klas met je leerlingen doen?

  • Praktisch: leerlingen kunnen iemand kiezen die ze al kennen, waardoor de drempel lager is.
  • Laagdrempelig: geen ellenlange verslagen, maar gewoon een paar concrete vragen en antwoorden.
  • Direct toepasbaar: ze krijgen realistische info over een beroep, uit eerste hand.

Download het werkblad

Om het makkelijk te maken, heb ik een werkblad gemaakt dat je zo kunt inzetten tijdens je mentorles en/of tijdens LOB. Hierop staan voorbeeldvragen en een opdracht volgens stappenplan.

Je kunt dit werkblad als huiswerk meegeven of in de les laten voorbereiden. Laat leerlingen hun antwoorden kort presenteren of bespreken in kleine groepjes. Zo leren ze ook van elkaar!

Waarom deze opdracht?

LOB wordt vaak gezien als iets vaags of iets voor later. Maar als leerlingen zelf een gesprek voeren met iemand die dagelijks met beide benen in een bepaald beroep staat, wordt het ineens concreet.

Heb je deze opdracht toegepast in je les? Laat het weten in de reacties of stuur me een bericht.

Lesmateriaal LOB – Presentatie maken over een beroep

Het invullen van de lessen LOB kan soms wel lastig zijn. Veel leerlingen hebben geen idee wat ze later willen worden en vinden het vooral ver weg en vaag. Hoe zorg je ervoor dat ze toch actief aan de slag gaan met oriënteren toekomst?

Met een praktische opdracht die ze zelf kunnen invullen! Daarom heb ik een werkblad gemaakt waarmee leerlingen een PowerPoint maken over een beroep naar keuze.

Zo ontdekken ze niet alleen meer over verschillende beroepen, maar oefenen ze meteen hun presentatievaardigheden.

Vakoverstijgend met Nederlands

Je zou deze opdracht ook als vakoverstijgende opdracht kunnen geven met het vak Nederlands. Leerlingen oefenen dan niet alleen met LOB, maar ook met spreekvaardigheid. Dus presenteren op een heldere en overtuigende manier.

Door deze opdracht in de mentorles voor te bereiden en bij Nederlands de presentatievaardigheden te oefenen, kan je het mooi combineren.

De opdracht: maak een PowerPoint over een beroep

Leerlingen kiezen een beroep dat hen interessant lijkt en maken daar een korte PowerPoint over. Ze zoeken uit:

  • Wat houdt dit beroep precies in?
  • Welke opleiding heb je ervoor nodig?
  • Wat zijn de leuke en minder leuke kanten?
  • Hoeveel verdien je ongeveer?
  • Wat moet je kunnen en weten voor dit werk?

Door dit stap voor stap uit te werken, krijgen ze een beter beeld van wat er allemaal bij komt kijken.

Download het werkblad

Om het makkelijk te maken, heb ik een werkblad gemaakt waarin alle stappen duidelijk staan uitgelegd. Hierop staan de richtlijnen en het stappenplan die leerlingen kunnen gebruiken.

Je kunt deze opdracht als huiswerk geven of in de les laten maken. Laat leerlingen hun PowerPoint presenteren in kleine groepjes of aan de hele klas. Zo leren ze niet alleen over hun eigen beroep, maar ook over andere beroepen.

Ik ben heel benieuwd of je de opdracht gebruikt hebt in je les. Laat het je weten in de reacties? Of stuur me een bericht

Mentorles: schrijf een brief aan je toekomstige zelf

Hoe zorg je ervoor dat leerlingen echt nadenken over hun toekomst zonder dat het voelt als een zware opdracht?

Een simpele maar mooie manier is leerlingen een brief aan hun toekomstige zelf te laten schrijven. Hierbij schrijven ze op wat ze belangrijk vinden, waar ze over nadenken en wat ze hopen te bereiken. Een opdracht die niet alleen inzicht geeft, maar ook mooie gesprekken kan opleveren. Onderaan deze blog kan je de lesbrief downloaden.

Stel je voor: een leerling leest deze brief terug na een tijdje (of zelfs na een paar jaar) en ziet welke ontwikkeling hij heeft doorgemaakt. Dat is pas een waardevol moment!

De opdracht: schrijf een brief aan jezelf in de toekomst

Leerlingen schrijven een brief aan hun toekomstige ik. Daarin beschrijven ze hoe hun leven er nu uitziet en wat ze hopen te bereiken in de toekomst.

Stap 1: Aanhef
Leerlingen beginnen de brief met een persoonlijke aanhef, bijvoorbeeld:
“Beste toekomstige ik,”

Stap 2: Inhoud van de brief
Leerlingen schrijven over:

  • Hun leven nu: school, vrienden, hobby’s, leuke dingen én uitdagingen.
  • Wat ze nu belangrijk vinden en waar ze zich een beetje zorgen over maken.
  • Wat ze hopen te bereiken in de toekomst: dromen, doelen en verwachtingen.
  • Welk werk ze denken te doen als ze ouder zijn.
  • Een boodschap of advies aan hun toekomstige zelf.

Stap 3: Afsluiting
Ze sluiten de brief af met een wens of boodschap aan hun toekomstige ik. Afsluiting (10 minuten)

Klassikale afsluiting

Vraag klassikaal wat de leerlingen verwachten van de brief als ze dit over twintig jaar zouden lezen. Laat ze kort in stilte hier zelf over nadenken, daarna kort uitwisselen met andere leerling en daarna enkele leerlingen vragen naar wat zij besproken
hebben.

Minimale lengte van de brief: 150 woorden


Lesplanning

  • Introductie (5 min) – Leg uit wat de bedoeling is.
  • Schrijven (35 min) – In stilte schrijven. Loop rond en help waar nodig.
  • Afsluiting (10 min) – Laat leerlingen nadenken over hoe het zou zijn om deze brief later terug te lezen.

Geef de brief later terug, bijvoorbeeld aan het einde van het schooljaar of als ze hun diploma halen.

Download de gratis lesbrief

Tip

  • Bewaar de brieven en geef ze bijvoorbeeld mee als de leerling van school gaat na het examenjaar.
  • Of geef de brief mee aan het eind van het schooljaar of aan een ouder/verzorger
    tijdens een eindgesprek.

Hoe laat je leerlingen actief reflecteren op een toets?

Reflecteren op een toets is minstens zo belangrijk als het leren ervoor. Door leerlingen bewust te laten nadenken over hun fouten en successen, help je hen om beter te leren. Maar hoe pak je dat praktisch aan zonder dat het een saaie nabeschouwing wordt? Hier zijn een paar manieren om leerlingen actief te laten reflecteren op een toets.

De reflectiekaarten heb ik onderaan deze blog toegevoegd als gratis download.

1. Reflectie op toets

In plaats van alleen te kijken naar hun cijfer, laat leerlingen kritisch nadenken over hun antwoorden. Een paar vragen om ze op weg te helpen:

  • Welke vraag had je goed verwacht, maar bleek toch fout?
  • Wat ging er mis bij deze vraag? Begrip, slordigheid of iets anders?
  • Hoe had je je anders kunnen voorbereiden om deze fout te voorkomen?

Laat de antwoorden opschrijven op een wisbordje of post-it.

2. Toetsbespreking met actieve betrokkenheid

In plaats van dat jij alle antwoorden geeft, laat je leerlingen eerst zelf analyseren waar het misging. Dit kan bijvoorbeeld met:

  • Een soort ‘toets-doorloop’: leerlingen vergelijken hun antwoorden met een correctiemodel.
  • Verbeteren van fouten: Laat leerlingen een paar van hun fouten verbeteren en erbij schrijven waarom hun oorspronkelijke antwoord fout was. Dit dwingt ze om écht na te denken over hun fouten en voorkomt dat ze simpelweg overschrijven.
  • Duo-bespreking: leerlingen bespreken in tweetallen hun antwoorden en zoeken samen naar verbeteringen.
  • Een klassikale quiz: in plaats van een standaard bespreking, maak je van veelgemaakte fouten een interactieve quiz.

Tip: het is een idee om kopietjes van de toets te maken als je het op deze manier doen. Het zou niet nodig hoeven zijn, maar je zou ook niet willen dat er discussie komt over een antwoord dat ingevuld is en dat bijvoorbeeld later aangepast is.

3. Top drie lessen uit de toets

Laat leerlingen drie dingen opschrijven die ze uit deze toets hebben geleerd. Op een wisbordje of bijvoorbeeld een post-it.

4. Plan maken voor toets

Laat leerlingen een concreet plan maken voor de volgende toets. Dit kan in de vorm van een checklist:

  • Maak een planning en begin op tijd.
  • Oefen met oude toetsen.
  • Bespreek moeilijke stof met een klasgenoot
  • Etc.

5. Download gratis werkblad 1 – leren van je toetsresultaat

6. Download gratis werkblad 2 – resultaat toets

Mentorles: Kennismaken moodboard ‘Dit ben ik’

De start van het schooljaar draait in het begin om kennismaken. Nieuwe klas, nieuwe gezichten etc.

Een moodboard ‘Dit ben ik’ is een laagdrempelige en creatieve manier om elkaar beter te leren kennen. Leerlingen laten met afbeeldingen, woorden en kleuren zien wie ze zijn, wat hen bezighoudt en wat ze belangrijk vinden.

Het is een leuk idee om als mentor ook zelf een moodboard te maken waarin je laat zien wie je zelf bent. Dit is een mooie manier om de opdracht in te leiden.

Een leuke manier om deze opdracht in te leiden, is door als mentor zelf ook een moodboard te maken en dit aan de klas te laten zien.

Onderaan deze blog staat een uitbreide lesbrief van deze opdracht die je kunt downloaden.


De opdracht: maak een moodboard over jezelf

Leerlingen maken een collage waarin ze laten zien wie ze zijn. Dit kan op papier of digitaal. Ze gebruiken:

  • Afbeeldingen uit tijdschriften of kranten.
  • Woorden, quotes of korte zinnen.
  • Zelfgetekende elementen.
  • Of eventueel digitale tools zoals Canva.

Om het makkelijker te maken, laat je leerlingen eerst een paar vragen beantwoorden. Op die manier bereid je het maken van het moodboard voor.

Stel bijvoorbeeld vragen zoals:

  • Wat zijn je hobby’s? 
  • Wat is je favoriete plek of reisbestemming? Of waar zou je ooit nog eens naar toe willen? 
  • Ben je fan van een bepaalde serie, game of celebrity? 
  • Wat voor muziek luister je? 
  • Wat is je favoriete kleur? 
  • Wat voor soort eten vind je lekker?  

Door deze vragen eerst te beantwoorden, krijgen leerlingen ideeën voor hun moodboard.

Hoe pak je deze les aan?

Stap 1: Introductie (5 min)

  • Leg uit wat een moodboard is en laat voorbeelden zien.
  • Optioneel: laat je eigen moodboard zien en vertel over jezelf.

Stap 2: Voorbereiden (5 min)

  • Laat leerlingen nadenken over de bovenstaande vragen.

Stap 3: Moodboard maken (35 min)

  • Papier: Laat leerlingen plaatjes zoeken, knippen, plakken en versieren.
  • Digitaal: Laat leerlingen werken in Canva, Google Slides of PowerPoint.
  • Combinatie: Online plaatjes verzamelen, printen en verwerken in hun collage.

Stap 4: Moodboards uitwisselen (10 min)

  • Laat leerlingen in tweetallen hun moodboard presenteren.
  • Optioneel: wissel meerdere keren van partner als er tijd is.

Stap 5: Gezamenlijke afsluiting (5 min)

  • Vraag of leerlingen overeenkomsten hebben ontdekt.
  • Laat enkele leerlingen hun moodboard delen in de klas (vrijwillig). “Wil iemand zijn of haar moodboard laten zien voor de klas?” (Het is iets persoonlijks, leg er geen dwang op als een leerling het niet wil) 

Onderaan deze blog vind je een uitgebreide lesbrief over deze opdracht.


Variaties op de opdracht

  • Moodboard in groepjes: In plaats van individueel werken, kunnen kleine groepjes een gezamenlijke collage maken. ‘Dit zijn wij’
  • Moodboard rond een thema: Denk aan dromen voor de toekomst, ideale baan of wat hen gelukkig maakt. Koppel het bijvoorbeeld met LOB.
  • Moodboard als kennismakingsgesprek: Laat leerlingen hun moodboard inleveren en gebruik het later als startpunt voor een individueel mentorengesprek.

Download de gratis lesbrief moodboard maken ‘dit ben ik’