Wat maakt een stad leefbaar?

Hoe bepaal je of een wijk of stad fijn is om in te wonen? Is het de veiligheid? De hoeveelheid groen? Of juist de voorzieningen zoals scholen en winkels?

Met deze opdracht denken leerlingen na over wat leefbaarheid is en welke factoren hierin een rol spelen. Ze rangschikken verschillende aspecten van een stad van meest naar minst belangrijk en onderbouwen hun keuzes.

Het werkblad is onderaan deze blog gratis te downloaden en direct inzetbaar in de les!

Doelgroep: vmbo onderbouw aardrijkskunde en mens & maatschappij.


Over de opdracht

Deze opdracht is geschikt voor mens & maatschappij en aardrijkskunde in de onderbouw van het vmbo. Leerlingen werken stap voor stap aan het inzicht krijgen in wat een stad leefbaar maakt.

Leerlingen rangschikken deze factoren van belangrijk naar minder belangrijk en onderbouwen hun keuzes. Daarna vergelijken ze hun antwoorden met een klasgenoot en bespreken ze de overeenkomsten en verschillen.

Hoe werkt de opdracht?

Stap 1: Wat betekent leefbaarheid?
Leerlingen beschrijven in hun eigen woorden wat ze onder leefbaarheid verstaan.

Stap 2: Rangschikken van factoren
Leerlingen krijgen een lijst met 8 factoren die de leefbaarheid van een stad beïnvloeden en zetten deze in de volgorde van meest naar minst belangrijk.

Stap 3: Onderbouwing
Leerlingen kiezen twee factoren uit en leggen uit waarom deze zo belangrijk zijn.

Stap 4: Vergelijken en bespreken
Tot slot vergelijken leerlingen hun keuzes met een klasgenoot. Wat zijn de overeenkomsten en verschillen?

Afronding: bijvoorbeeld presentaties voor de klas.

Deze opdracht zet leerlingen aan het denken over hoe steden functioneren en hoe de ene wijk leefbaarder kan zijn dan de andere.


Tip: Laat leerlingen nadenken over hun eigen wijk. Hoe scoort deze op de verschillende factoren? Wat zou er verbeterd kunnen worden?

Download het werkblad

Zoek je meer van dit soort opdrachten? Bekijk bijvoorbeeld de volgende opdrachten:

Of bekijk het lesmateriaal bij aardrijkskunde of mens en maatschappij.

Heb je tips of suggesties? Of heb je deze opdracht gebruikt? Laat het me weten in de reacties hieronder of stuur me een berichtje.

Tijdvak 1 – Poster overeenkomsten en verschillen jagers en verzamelaars

Hoe leefden jagers en verzamelaars eigenlijk? Wat aten ze, waar woonden ze en hoe organiseerden ze hun samenleving? En vooral: hoe verschilt dat van het leven nu?

Met deze opdracht maken leerlingen een poster waarin ze het leven van jagers en verzamelaars vergelijken met hun eigen leven. Geen lange teksten, maar vooral plaatjes en tekeningen om het verschil en de overeenkomsten duidelijk te maken.

Onderaan deze blog kun je het werkblad gratis downloaden.

Doelgroep: vmbo onderbouw geschiedenis of mens & maatschappij


De opdracht: een poster over jagers en verzamelaars

Leerlingen onderzoeken hoe jagers en verzamelaars leefden en vergelijken dat met hun eigen leven.

Wat gaan de leerlingen doen?

  • Informatie verzamelen – Hoe leefden jagers en verzamelaars?
  • Een poster maken – Met afbeeldingen en zo min mogelijk tekst.
  • Vergelijken – Per onderwerp een beeld van vroeger en nu naast elkaar zetten.
  • Discussie en reflectie – Wat is hetzelfde gebleven en wat is helemaal veranderd?

Hoe werkt de opdracht?

Stap 1: Onderzoek doen
Leerlingen zoeken informatie over jagers en verzamelaars via hun lesboek, aantekeningen of online bronnen (mits toegestaan door de docent).

Stap 2: Maak een poster
Op de poster komt een visuele vergelijking tussen vroeger en nu. Leerlingen gebruiken plaatjes of eigen tekeningen en verdelen hun poster in vier onderdelen:

AspectJagers en verzamelaarsJij en je familie
VoedselWat aten zij?Wat eet jij?
OnderkomenWaar woonden zij?Waar woon jij?
WerkWat voor werk deden zij?Wat doen jouw ouders?
Sociale structuurHoe leefden zij samen?Hoe ziet jouw sociale leven eruit?

Stap 3: Zoek of teken afbeeldingen
Leerlingen zoeken plaatjes of maken hun eigen tekeningen per onderdeel.

Stap 4: Analyseer de verschillen en overeenkomsten
Onder de poster geven leerlingen met ✔️ en ❌ aan of iets hetzelfde is gebleven of totaal anders is.

Stap 5: Bespreken
Leerlingen vergelijken hun poster met een klasgenoot en bespreken de verschillen. Vervolgens presenteren ze kort hun bevindingen aan de klas.

Download het gratis werkblad met de opdracht

Tijdvak 1 – schrijfopdracht

Schrijfopdracht: het leven in de prehistorie door de ogen van een kind

Meer dan 10.000 jaar geleden veranderde het leven van mensen compleet. Eerst leefden ze als jagers-verzamelaars, maar langzaam gingen ze over op landbouw en ging men gewassen verbouwen en dieren houden. Wat betekende deze verandering voor de mensen in die tijd?

In deze opdracht schrijven leerlingen een kort verhaal over hoe het leven veranderde door de komst van de landbouw. Dit doen ze vanuit het perspectief van een kind van een jager-verzamelaar of een kind van een boer tijdens de landbouwrevolutie.

Doelgroep: vmbo onderbouw geschiedenis en mens & maatschappij. Deze schrijfopdracht is ook goed te combineren met Nederlands als vakoverstijgende opdracht.

Onderaan deze blog kun je het werkblad gratis downloaden.


Schrijfopdracht Tijdvak 1 – de tijd van jagers en boeren

Leerlingen schrijven een kort verhaal waarin ze beschrijven hoe een kind uit de prehistorie leefde en hoe zijn of haar leven veranderde door de komst van de landbouw.

Wat gaan de leerlingen doen?

  • Een personage kiezen – Een kind van een jager-verzamelaar of een boer.
  • Een verhaal schrijven – Hoe zag het dagelijkse leven eruit vóór en na de landbouw?
  • De verandering beschrijven – Wat werd makkelijker? Wat bleef hetzelfde?
  • Een mening geven – Is het kind blij met de verandering of mist het het oude leven?

Hoe werkt de opdracht?

Stap 1: Kies een personage
Leerlingen kiezen of hun verhaal gaat over:

  • Een kind van een jager-verzamelaar
  • Een kind van een boer (landbouwer)

Stap 2: Beschrijf het oude leven
Het verhaal begint met hoe het kind leefde vóór de komst van de landbouw.

  • Wat eet het kind?
  • Waar woont het kind?
  • Wat doet het kind op een gewone dag?

Voorbeeldzinnen:
“Mijn vader gaat elke dag op jacht. Soms komt hij thuis zonder eten.”
“We wonen in een soort tent die we zelf hebben gemaakt.”

Stap 3: Beschrijf de verandering door de landbouw
Wat is er anders nu mensen gewassen verbouwen en dieren houden?

  • Wat eet het kind nu?
  • Waar woont het kind nu?
  • Wat doet het kind op een gewone dag?

Voorbeeldzinnen:
“We hoeven niet meer elke dag op zoek naar eten, want we hebben nu graan op onze velden.”
“Mijn vader zorgt voor de dieren en ik help mee met het oogsten van de planten.”

Stap 4: Eindig met een mening
Laat het personage vertellen wat hij of zij vindt van de verandering.

  • Is het leven nu makkelijker of moeilijker?
  • Mist het kind het oude leven of is hij/zij juist blij met de landbouw?

Voorbeeldzinnen:
“Ik vind het fijn dat we niet meer hoeven te verhuizen.”
“Soms mis ik het leven als jager-verzamelaar, omdat het leuk was om op zoek te gaan naar eten.”

Stap 5: Schrijf het verhaal op je eigen manier
Leerlingen schrijven het verhaal in hun eigen woorden en bedenken hoe hun personage deze verandering heeft ervaren.

Tip voor docenten: schrijf zelf ook een verhaal!

Doe zelf ook mee met deze opdracht! Schrijf een kort verhaal en gebruik dit later in je lessen.

Waarom is dit een goed idee om te doen in je les?

  • Extra lesmateriaal – Je kunt jouw verhaal later hergebruiken in andere klassen.
  • Meer beleving in de les – Door jouw verhaal voor te lezen, maak je geschiedenis levendiger.

Extra tip: Je kunt je verhaal elk jaar uitbreiden of aanpassen op basis van de klas die je hebt. Of laat bijvoorbeeld leerlingen raden of jouw verhaal van een leerling (van het jaar ervoor) is of door jou geschreven.

Download het gratis werkblad van deze opdracht

Bronnenopdracht: vrouwenkiesrecht

Wil je je leerlingen actief aan de slag laten gaan met historische bronnen in je geschiedenisles? Met deze bronnenopdracht over vrouwenkiesrecht ontdekken ze hoe de strijd voor stemrecht verliep en welke argumenten voor- en tegenstanders gebruikten. 

Onderaan deze blog staat een download naar het werkblad. 

Doelgroep: klas 2 en 3 vmbo geschiedenis. 

Hoe werkt de opdracht?

Stap 1: Bronnen analyseren

Leerlingen krijgen een aantal bronnen en daarbij beantwoorden ze een aantal vragen.

Bij elke bron beantwoorden ze vragen zoals:

  • Wat voor soort bron is dit en wanneer is het gemaakt?
  • Welke argumenten voor of tegen vrouwenkiesrecht worden genoemd?

Klassikaal bespreken

Bespreek daarna klassikaal en vraag bijvoorbeeld welke bronnen leerlingen het meest opvallend vonden.  Hoe verschilt de manier waarop we nu naar vrouwenrechten kijken van toen?

Wil je direct aan de slag? Download het werkblad hieronder en gebruik deze bronnenopdracht in jouw geschiedenisles!

 

Heb je deze opdracht gebruikt in je geschiedenisles? Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen! Laat een reactie achter of deel je feedback.

Wil je meer ideeën voor geschiedenis of vakoverstijgende opdrachten? Of zoek je juist activerende werkvormen? Neem regelmatig een kijkje op mijn website voor nieuw lesmateriaal voor geschiedenis en praktische opdrachten voor in de klas!

Bekijk ook mijn andere blog met twee werkbladen over vrouwenkiesrecht.

Pinterest gebruiken in de klas

pinterest

Pinterest is een digitaal prikbord waarbij je afbeeldingen of andere zaken die je tegen komt op internet kunt prikken, oftewel ‘pinnen’. Je kunt zo verschillende prikborden maken en deze delen met andere mensen. Het wordt over de hele wereld gebruikt. Miljoenen mensen maken zogenaamde pinboards aan en zetten hier zaken die op zij leuk of interessant vinden.

Je kunt Pinterest gebruiken voor persoonlijk vermaak en pinboards maken met je favoriete plaatjes. Maar je kunt het natuurlijk ook gebruiken in de klas. Hoe kun je Pinterest gebruiken in de klas? Doorgaan met het lezen van “Pinterest gebruiken in de klas”