Mens en maatschappij: interview over leefbaarheid

Wat maakt een buurt prettig om in te wonen? Zijn het de voorzieningen, de veiligheid of juist het groen? In deze opdracht gaan vmbo-leerlingen onderbouw voor aardrijkskunde of Mens & Maatschappij dat zelf onderzoeken met een kort interview.

Ze bereiden de vragen in de les voor, interviewen twee mensen buiten school en werken de antwoorden in de volgende les uit. Als afsluiting zou je een klassengesprek kunnen voeren of leerlingen hun bevindingen kort laten presenteren.

Onderaan deze blog staat een download naar het werkblad.

Doelgroep: vmbo onderbouw aardrijkskunde en mens & maatschappij.


Hoe werkt de opdracht?

  1. Voorbereiding in de klas
    Leerlingen bedenken vragen over leefbaarheid en schrijven ze op.
  2. Interview buiten school
    Leerlingen interviewen twee mensen uit hun omgeving (zoals familie, buren of kennissen) en noteren de antwoorden per vraag.
  3. Uitwerking in de les
    Leerlingen analyseren de antwoorden en vergelijken ze met elkaar. Zijn er grote verschillen? Wat vinden mensen het belangrijkst aan een leefbare buurt?
  4. Presentatie van de resultaten
    Leerlingen presenteren kort hun bevindingen aan de klas.

Lesideeën: Hoe zet je deze opdracht in?

1. Koppel het aan eigen omgeving
Laat leerlingen hun eigen buurt of een bekende wijk kiezen.

2. Laat leerlingen voorspellingen doen
Voordat ze de interviews uitvoeren: wat verwachten ze dat mensen het belangrijkste vinden? Klopt dit achteraf?

3. Voeg een presentatie toe
Laat leerlingen hun resultaten kort presenteren. Ze kunnen:

  • Een poster maken met de opvallendste antwoorden.
  • Een PowerPoint of Canva-presentatie maken met de uitgewerkte antwoorden bijvoorbeeld foto’s.
  • Een mondelinge presentatie geven in duo’s.

Hoe sluit je de opdracht af?

1. Klassikale discussie
Welke antwoorden kwamen het meest voor? Zitten er verrassende uitkomsten bij?

2. Maak een klasoverzicht
Verzamel de antwoorden en zet ze op het bord. Welke factoren vinden de meeste mensen belangrijk voor een fijne buurt? En wat wordt bijvoorbeeld helemaal niet genoemd maar is wel belangrijk?

3. Presentaties laten uitvoeren

  • Geef leerlingen max. 3 minuten om hun resultaten te presenteren.
  • Stimuleer interactie: laat klasgenoten vragen stellen na elke presentatie.

Download het werkblad

Heb je deze opdracht geprobeerd? Laat me weten hoe het ging en stuur me een berichtje of reageer onderaan deze blog.

Zoek je meer lesmateriaal? Kijk bij lesmateriaal aardrijkskunde of lesmateriaal mens & maatschappij.

Mens en maatschappij: maak een gids voor toeristen voor een stad in Nederland

In deze opdracht maken leerlingen voor Mens & Maatschappij een informatieve gids voor toeristen. Leerlingen kiezen een Nederlandse stad, onderzoeken bezienswaardigheden, musea, restaurants en overnachtingsmogelijkheden, en verwerken hun informatie in een overzichtelijke gids.

Je zou deze opdracht ook vakoverstijgend kunnen geven met bijvoorbeeld Nederlands of aardrijkskunde. Of koppelen aan digitale geletterdheid.

Je kunt onderaan deze blog het werkblad met deze opdracht downloaden.

Doelgroep: vmbo onderbouw aardrijkskunde of mens & maatschappij. (Eventueel vakoverstijgend met Nederlands)


Hoe werkt de opdracht?

  1. Voorbereiding in de klas
    Leerlingen kiezen een stad en verzamelen informatie via Google Maps en andere bronnen.
  2. Onderzoek en selectie
    Leerlingen zoeken naar belangrijke bezienswaardigheden, eetgelegenheden, slaapplekken en musea die interessant zijn voor toeristen.
  3. Uitwerking van de gids
    Leerlingen verwerken de informatie in een folder, boekje, poster of digitaal document (bijv. in Canva of PowerPoint).
  4. Presentatie en afronding
    Leerlingen presenteren hun gids aan de klas en lichten toe waarom hun stad een bezoek waard is.

Lesideeën: Hoe zet je deze opdracht in?

  • Koppel het aan een stedenproject
    Laat leerlingen een stad kiezen die ze nog niet goed kennen, zodat ze echt iets nieuws ontdekken. Bedenk dan zelf steden waar ze uit kunnen kiezen of maak er een speciaal thema van.
  • Laat duo’s of groepjes samenwerken
    Leerlingen kunnen de gids samen maken en verdelen wie welk onderdeel uitwerkt.
  • Extra uitdaging: vergelijk steden
    Laat leerlingen meerdere steden onderzoeken en kijken welke stad het meest aantrekkelijk is voor toeristen.

Hoe sluit je de opdracht af?

  • Klaspresentaties
    Laat leerlingen hun gids presenteren voor de klas.
  • Tentoonstelling in de klas
    Hang de gidsen bijvoorbeeld op in de klas of maak een speciaal hoekje waar leerlingen elkaars werk kunnen bekijken.

Download het werkblad met opdracht

Heb je deze opdracht geprobeerd? Laat me weten hoe het ging en stuur me een berichtje of reageer onderaan deze blog.

Zoek je meer lesmateriaal? Kijk bij lesmateriaal aardrijkskunde of lesmateriaal mens & maatschappij.

Mentorles: hoe ga je het gesprek aan over social media?

Sociale media zijn niet meer weg te denken uit het leven van jongeren. Maar hoe ga je als mentor met je leerlingen het gesprek aan over social media zonder dat ze meteen afhaken of dat het belerend overkomt? In deze blog krijg je tips en werkvormen om het gesprek bijvoorbeeld tijdens een mentorles op gang te brengen.

Waarom is dit gesprek belangrijk?

Jongeren leven voor een gedeelte online (niet iedereen natuurlijk, maar een groot deel wel). Ze delen, liken, swipen en scrollen wat af. Maar dat heeft ook impact op hun zelfbeeld, concentratie en sociale vaardigheden. Als mentor heb je de kans om dit bespreekbaar te maken en leerlingen bewust te laten nadenken over hun eigen gebruik van sociale media. Dit sluit aan bij de pijlers van digitale geletterdheid zoals gedefinieerd door het SLO:

  • Informatievaardigheden – Hoe herkennen leerlingen nepnieuws en betrouwbare bronnen?
  • Mediawijsheid – Hoe gaan ze bewust om met hun online identiteit en privacy?
  • ICT-basisvaardigheden – Hoe gebruiken ze digitale middelen op een verantwoorde manier?
  • Computational thinking – Hoe doorzien ze bijvoorbeeld de algoritmes achter hun tijdlijn?

Hoe creëer je een veilige sfeer?

Het bespreken van sociale media kan gevoelig liggen. Vooral als het gaat over onderwerpen als online pesten, druk om altijd bereikbaar te zijn of negatieve reacties. Hier zijn een paar tips om een veilige sfeer te waarborgen:

  • Maak duidelijke afspraken – Bespreek met je klas dat iedereen respectvol met elkaars ervaringen omgaat.
  • Gebruik anonieme werkvormen – Bijvoorbeeld een vragenbox waarin leerlingen hun ervaringen kunnen delen zonder dat hun naam genoemd wordt.
  • Wees open en oordeel niet – Laat leerlingen vrij praten zonder een mening of oordeel te geven. Geef ook niet meteen een oplossing.
  • Laat ruimte voor emoties – Sommige onderwerpen kunnen iemand persoonlijk raken, dus zorg dat er tijd is om hierover te praten.
  • Geef leerlingen de optie om na de les met je te praten als ze ergens mee zitten. Of geef aan wanneer ze met je kunnen praten, of dat ze je een e-mail bijvoorbeeld sturen.

Hoe begin je?

Zorg ervoor dat je niet te belerend bent naar de leerlingen toe. Wees nieuwsgierig en laat hen aan het woord. Een paar startvragen:

  • Welke apps gebruik jij het meest en waarom?
  • Wat is het leukste en het vervelendste aan social media?
  • Heb je weleens iets meegemaakt online dat je vervelend vond?
  • Hoe weet je of iets dat je online ziet betrouwbaar is?

Een paar korte activerende werkvormen

Wil je het gesprek wat interactiever maken? Probeer dan een van deze werkvormen:

  • Stellingenrondje – Laat leerlingen reageren op stellingen zoals ‘Zonder social media zou mijn leven leuker zijn’ of ‘Ik voel me soms verplicht om direct te reageren op berichten’. Kan bijvoorbeeld met digitale tool zoals Mentimeter of LessonUp. Laat leerlingen anoniem reageren.
  • Schermtijd – Laat leerlingen hun gemiddelde schermtijd opschrijven en raden hoe dit zich verhoudt tot het gemiddelde in de klas. Het is handig om dit bijvoorbeeld met Mentimeter te doen.
  • Storytime – Laat leerlingen (anoniem) een positieve en een negatieve socialmedia-ervaring opschrijven. Kies er dan enkele uit om in de klas te bespreken.
  • Fake news check – Geef leerlingen een paar voorbeelden van nieuwsberichten en laat ze onderzoeken welke betrouwbaar zijn en waarom. Dit sluit ook aan bij digitale geletterdheid.

Lesmateriaal

Afronden met een mini-opdracht

Sluit het gesprek af met een kleine opdracht. Laat leerlingen iets doen voor een week, zoals:

  • Een dag zonder sociale media.
  • Alleen positieve reacties plaatsen.
  • Schermtijd beperken met een timer.
  • Bewust kijken naar wat nep of echt is online.

Bespreek na een week wat ze hebben geleerd.

Waar kunnen docenten terecht voor meer informatie?

Wil je als docent meer weten over hoe je sociale media en digitale geletterdheid bespreekbaar maakt? Dan kun je terecht bij:

  • Netwerk Mediawijsheid– Het netwerk voor mediawijsheid in Nederland met veel tools en lesmaterialen.
  • Bureau Jeugd & Media – Specialistische trainingen en advies over sociale media en jongeren.
  • SLO (Nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling) – Richtlijnen en onderwijsmaterialen over digitale geletterdheid.

Tot slot

Als mentor hoef je geen socialmedia-expert te zijn. Het belangrijkste is dat je leerlingen de ruimte geeft om hun ervaringen te delen en ze laat nadenken over hun eigen gedrag online. zorg ervoor dat je geen oordelen geeft of meteen met oplossing komt. Door open en nieuwsgierig te zijn, kun je écht het gesprek aangaan.

Wil je aan de slag? Download dan het gratis werkblad ‘In gesprek over social media’ om een start te maken in je klas.

Digitale geletterdheid – Wat weet het internet van jou?

Laat je leerlingen ontdekken wat er online over hen te vinden is

Sociale media, zoekmachines, reviews: alles wat je online doet, laat een spoor achter. Maar hoe bewust zijn leerlingen zich hiervan? Met deze interactieve opdracht laat je ze ontdekken wat het internet over hen weet én hoe ze hun privacy beter kunnen beschermen.

Waarom is dit belangrijk?

eze opdracht helpt leerlingen om bewuster om te gaan met hun online aanwezigheid. Veel jongeren delen dagelijks foto’s, video’s en berichten zonder erbij stil te staan wat er blijft hangen. Dit kan later invloed hebben op hun studie, werk of sociale leven. Door te ontdekken wat er online over hen te vinden is, leren ze bewuste keuzes te maken over wat ze delen en hoe ze hun privacy beter kunnen beschermen.

Dit sluit aan bij de pijlers van digitale geletterdheid volgens het SLO, zoals kritisch omgaan met informatie en bewust zijn van je digitale identiteit.

De opdracht: Google jezelf!

In deze opdracht gaan leerlingen eerst zelf op onderzoek uit, daarna gaan ze in tweetallen aan de slag en bereiden ze een korte presentatie voor van maximaal twee minuten. Leerlingen vertellen dan kort voor de klas wat zij ontdekt hebben en welke tips ze zouden hebben voor klasgenoten.

  • Leerlingen analyseren welke informatie openbaar beschikbaar is.
  • Daarna bedenken ze wat ze kunnen doen om hun privacy te verbeteren.
  • Vervolgens bespreken ze hun bevindingen met een klasgenoot.
  • Tot slot presenteren ze kort wat ze ontdekt hebben en een delen ze een tip.

Wat levert het op?

  • Meer bewustwording over online privacy en digitale veiligheid.
  • Inzicht in hoe eenvoudig persoonlijke informatie te vinden is.

Zijn docenten zich hier zelf wel van bewust?

Het is goed om deze opdracht niet alleen aan leerlingen te geven, maar er als docent ook zelf mee aan de slag te gaan. Wat komt er naar boven als jij je eigen naam googelt? Hoe zichtbaar ben je online voor collega’s, leerlingen of ouders? Wat kunnen zij over jou vinden als ze op je naam googelen? Door zelf eerst te onderzoeken wat er over jou (openbaar) online staat, kun je beter begrijpen hoe belangrijk dit onderwerp is en het gesprek hierover nog beter begeleiden met je leerlingen.

Download het werkblad!

Wil je deze opdracht direct gebruiken in je les? Download hier gratis het werkblad Wat weet het internet over jou? en ga aan de slag!

De leerladder: stap voor stap leren

Wil jij als leraar je leerlingen beter laten leren of als ouder je kind helpen met huiswerk? Dan is De Leerladder een handige methode! Dit is een gestructureerde en effectieve manier om informatie te verwerken, zodat leerlingen niet alleen begrippen of woordjes uit hun hoofd leren, maar de stof ook echt begrijpen.

Hoe werkt de leerladder?

Je kunt met deze leerladder leerlingen helpen om kennis op te bouwen in een aantal stappen. Ze beginnen met het (voor)lezen van begrippen en gaan uiteindelijk naar het toepassen en uitleggen ervan. Op deze manier zijn ze actief bezig met de begrippen en leerstof.

Dit werkt goed voor vakken zoals geschiedenis en aardrijkskunde, maar kan natuurlijk ook bij andere vakken worden gebruikt.

Waarom werkt deze manier van leren?

  • Leerlingen gaan actief met de stof aan de slag in plaats van alleen maar lezen of begrippen stampen.
  • Herhaling en toepassen zorgen ervoor dat leerlingen het beter begrijpen en onthouden.

Gratis werkblad voor in de klas of thuis

Wil je deze manier van leren direct inzetten? Download hieronder het gratis werkblad en gebruik het in je les of om je kind thuis te begeleiden!

Heb jij De Leerladder al geprobeerd in de klas of thuis? Laat in de reacties weten hoe het is gegaan.

Gamification gebruiken in de les

Er zijn natuurlijk veel verschillende digitale tools die je kunt gebruiken in de klas. Sommige tools zoals Blooket (lees hier mijn blog over Blooket) gebruiken game-elementen. Met gamification kun je je lessen interactiever maken en zo leerlingen actiever bij de les te betrekken. Ook zou je het kunnen inzetten om leerlingen te laten samenwerken. Maar ook zonder digitale tools kan je vormen van gamification inzetten in je lessen.

Ik laat in deze blog zien welke digitale tools je kunt inzetten als je gamification wil gebruiken in je les, maar ook hoe je dit offline zou kunnen doen zonder hulp van digitale tools.

Wat is gamification eigenlijk?

Gamification houdt in dat je elementen uit games, zoals behaalde punten, levels, challenges of beloningen integreert in je eigen les. Het doel daarbij is om leerlingen actief bij de lesstof te betrekken door leren op die manier interessanter en uitdagender te maken. Denk bijvoorbeeld aan het verdienen van badges of het behalen van een high score of het voltooien van een quest of missie.

Digitale tools met game-elementen in de klas

Ik schreef al eerder over Blooket, maar er zijn meer digitale tools waarmee je game-elementen kunt gebruiken in je lessen.

Hier zijn enkele digitale tools die je kunt gebruiken om gamification in je lessen te brengen:

  • Quizlet Blast: in Quizlet Blast is een educatieve game waarbij een leerling een ruimteschip bedient. Leerlingen moeten dan vanuit het ruimteschip schieten op het juiste antwoord. Degene die het eerst het juiste antwoord geeft, krijgt een punt. Je kunt zelf een Quizlet aanmaken met begrippen/woordjes en jaartallen. Blast speel je in principe in groepen tot 4 personen. (Voor de methode Geschiedeniswerkplaats en Plein M heb ik voor bijna alle hoofdstukken en paragrafen Quizlets gemaakt die je kunt gebruiken hiervoor. Aan de bovenkant in het menu kun je kiezen voor Geschiedenis – Geschiedeniswerkplaats en dan kiezen voor het leerjaar en hoofdstuk wat je wil)
  • Quizlet Live: dit is al een wat oudere functie van Quizlet, hier kan je begrippen/woordjes en jaartallen laten overhoren in de klas. Leerlingen loggen in met een code.
  • Gimkit: met Gimkit kan je ook educatieve games maken van lesstof. Je kunt bijvoorbeeld begrippen, jaartallen of woordjes overhoren op een leuke manier. Als je je aanmeldt, krijg je 14 dagen toegang tot de pro-versie. Daarna is de gratis versie wat beperkter. Maar je kunt het natuurlijk ook zo inplannen dat je in die gratis proefperiode een game met de je klas doet.

Tips voor het Gebruik van Gamification in de Klas

  • Focus op leerproces in plaats van beloning. Beloningen zoals badges, punten of privileges kunnen helpen bij de motivatie van leerlingen, maar probeer het wel eerlijk en passend te houden. Zorg dat de focus blijft liggen op het leerproces in plaats van alleen de beloning. Geef ook aan waarom je iets op een bepaalde manier doet.
  • Wissel af tussen competitie en samenwerking. Door af te wisselen houd je het afwisselend en betrek je leerlingen die minder van competitie houden.
  • Eindig met een reflectie. Pobeer als je klaar bent met de activiteit (game of iets anders) even de les kort na te bespreken. Wat viel op? Wat ging er goed? Welk stukje van de lesstof is nog lastig voor leerlingen?

Gamification gebruiken zonder digitale tools

Je kunt ook zonder digitale tools gebruiken maken van game-elementen in je lessen. Hier een paar voorbeelden:

  • Levels: probeer je lesstof in te delen in levels. Zo is de basisstof bijvoorbeeld level 1, de verdiepingsstof level 2 etc. De toets is dan uiteindelijk de eindbaas die leerlingen moeten verslaan (bij wijze van). Of deel je lesstof in levels in. Probeer creatief met je lesstof om te gaan.
  • Rewards/beloningen: geef voor bepaalde dingen punten en probeer op positieve dingen te richten . Bijvoorbeeld als leerlingen huiswerk gemaakt hebben of als ze hun spullen bij zich hebben. Bij een bepaald aantal punten volgt er dan een beloning. Dat kan van alles zijn: een traktatie, een pen, een sticker of een leuk filmpje de laatste vijf minuten laten zien bijvoorbeeld. Zorg er wel voor dat leerlingen punten krijgen voor iets dat voor iedereen te behalen valt.
  • Badge/certificaat: denk aan de gymbadges van Ash uit Pokémon. Stel je voor dat je iets hebt behaald: dan krijg je een speciale badge of certificaat. Probeer geen verschil te maken tussen leerlingen: in principe moet het voor iedereen mogelijk zijn om een bepaalde badge te behalen.
  • Escape Room: de bekende escape room zou je ook offline kunnen gebruiken zonder devices in de klas.

Digitale tool: Blooket gebruiken in de les

Blooket is een digitale tool waarmee je educatieve quizzen kunt maken met een game-element.

Je kunt op een leuke manier kennis van leerlingen testen, voorkennis activeren of juist de les afsluiten met een quiz in de setting van een game.

Manieren om Blooket te gebruiken in de les

Hier zijn een paar praktische ideeën over hoe je Blooket kunt inzetten in je lessen:

  • Activeren van voorkennis: start een les met een quiz over het onderwerp dat je gaat behandelen. Door Blooket te gebruiken, kun je snel zien wat de leerlingen al weten of waar juist nog hiaten zitten. Omdat Blooket geen standaard quiztool is, maar meer een educatieve game is het leuk ter afwisseling.
  • Differentiëren: omdat je zelf kunt bepalen welke vragen je toevoegt, kan je ook verschillende moeilijkheidsniveaus aanbieden. Maak bijvoorbeeld twee versies van een quiz: een basisniveau en een verdiepend niveau.
  • Afsluiting van de les: gebruik Blooket aan het einde van een les om de belangrijkste punten nog eens te herhalen. Met de directe feedback weten leerlingen meteen hoe goed ze de stof beheersen, en het game-element zorgt voor een leuke afsluiting van de les.
  • Competitie in teams of mini-wedstrijd: Blooket heeft verschillende games waarin leerlingen individueel of in teams kunnen spelen. Zo zou je dus ook groepen kunnen laten samenwerken of een kleine competitie organiseren.
  • Voorbereiding toets: de laatste les voor een toets kan je bijvoorbeeld een quiz over de lesstof doen. Het is een leuk idee om dan een keer Booklet te gebruiken.
  • Mentorles: maak bijvoorbeeld een gamequiz over de schoolregels. Zo kan je op een redelijk leuke manier de regels van school bespreken en toetsen. (lees ook: maak een quiz over de regels van school)

Tips bij het gebruik van Booklet

  • Kant-en-klare content: Er zijn heel veel quizzen beschikbaar die al gemaakt zijn door andere docenten. Het enige nadeel is dat het vooral Engelstalige quizzen zijn, maar dat kan ook weer een voordeel zijn als je Engels geeft.
  • Samenwerking met Quizlet: je kunt heel makkelijk quizzen uit Quizlet exporteren en importeren in Booklet. Zo hoef je niet helemaal opnieuw quizzen te maken, maar kan je ook content gebruiken die je misschien al eerder gemaakt hebt. (Voor de methode Geschiedeniswerkplaats en Plein M heb ik Quizlets gemaakt, die staan open voor iedereen en zou je zo kunnen gebruiken. Je kunt in het menu hierboven kiezen voor vakken-geschiedenis-Geschiedeniswerkplaats en daar staan ze gesorteerd per paragraaf).
  • Zelf oefenen: voor je Booklet in de klas gebruikt, zou ik het eerst een keertje zelf uitproberen thuis of in een tussenuur op school met een collega bijvoorbeeld. Dan host je de game vanaf je eigen device en laat anderen (of jijzelf met een andere device) joinen met eigen device. Zo heb je zelf ook ervaren hoe het is om een game te spelen en kan je leerlingen daarop voorbereiden.

    Educatieve games maken met Blooket

    Er zijn natuurlijk al veel digitale tools, wat maakt Blooket nu anders? Waarom zou je Blooket gebruiken in de klas en niet een andere tool?

    Het grote verschil met andere digitale tools is de gamemodus die het spel biedt. Normaal gesproken heeft een tool een standaard quizopzet: je stelt een vraag, misschien zelfs een meerkeuzevraag en de leerling kiest op zijn device een antwoord. Bij Blooket kan je ervoor kiezen om je quiz te combineren met een game zoals: Tower Defense, Fishing Frenzy of Candy Quest (voor Halloween).

    Iedere game heeft een andere strategie. Door het beantwoorden van vragen, kunnen leerlingen het spel spelen. Het is daarom ook leuk als afwisseling, de ene keer doe je bijvoorbeeld Tower Defense en een andere keer Candy Quest.

    Probeer de games eerst een keer zelf uit, dan merk je ook wat je zelf misschien het leukst vindt om te spelen of wat het meest geschikt voor jouw klas is.

    Digitale tools gebruiken in de les

    Je kunt digitale tools gebruiken als je je lessen interactiever wil maken of als je bijvoorbeeld wil controleren of leerlingen de lesstof begrepen hebben. Of misschien wil je je lessen interessanter of uitdagender maken voor leerlingen zodat ze meer betrokken of gemotiveerd worden. Er zijn veel redenen te bedenken waarom je gebruik zou willen maken van digitale tools in de klas.

    Hier een overzicht van enkele digitale tools die je kunt gebruiken in je les.

    Baamboozle

    Baamboozle is een digitale tool waar je educatieve games mee kunt maken die leerlingen individueel of in teams kunnen spelen. Je kunt vrij makkelijk een quiz of oefentoets maken over de lesstof en daarna kiezen op welke manier je het wil inzetten. Voor Engels is er veel lesmateriaal beschikbaar voor bijvoorbeeld grammatica.

    Tip om Baamboozle te gebruiken in je les:

    • Gebruik Baamboozle om de les af te sluiten met een kort spel of om moeilijke onderwerpen op een leuke manier te herhalen.

    Padlet

    Padlet is een digitaal prikbord waar leerlingen en docenten berichten, afbeeldingen, video’s en links kunnen plaatsen. Je kunt tegenwoordig ook met AI-recepten een sjabloon laten maken voor een les.

    De tool werkt op alle apparaten en is eenvoudig te gebruiken voor zowel docenten als leerlingen.

    Tip om Padlet te gebruiken in je les:

    • Je kunt leerlingen bijvoorbeeld de verwerking van een opdracht in Padlet laten zetten.
    • Of leerlingen in een groepje laten werken en de uitkomst van een opdracht in Padlet zetten (als tekst of video of afbeelding).
    • Laat leerlingen een digitale tijdlijn maken voor het vak geschiedenis met Padlet.
    • Of leerlingen een reflectie laten schrijven en dat laten plaatsen in Padlet. Maak ook gebruik van de AI-recepten functie.

    Mentimeter

    Met Mentimeter kun je heel makkelijk polls, quizzen, woordwolken en open vragen maken. Op die manier kun je snel en makkelijk feedback van je leerlingen verzamelen.

    Tip om Mentimeter te gebruiken in je les:

    • Gebruik Mentimeter aan het begin van de les om voorkennis te activeren of aan het einde van de les om snel te checken wat leerlingen hebben opgestoken. (Als Exit-Ticket bijvoorbeeld)

    Quizlet

    Met Quizlet kunnen leerlingen actief oefenen met de lesstof door zichzelf te overhoren of door bijvoorbeeld te oefenen met flashcards. Ze kunnen hun eigen flashcards maken of gebruikmaken van een database vol met kant-en-klare sets.

    Tip om Quizlet te gebruiken in je les:

    • Laat leerlingen hun eigen flashcards maken ter voorbereiding op een toets.
    • Maak zelf eerst een oefentoets voor leerlingen in Quizlet (of kijk in de database) en speel Quizlet Live met je klas. Je kunt het gebruiken om te controleren of leerlingen de lesstof hebben begrepen of een Exit-Ticket.
    • Met de functie Blast kan je van de ingevoerde begrippen of jaartallen een leuk spel maken wat je kunt spelen in de klas. (eind van de les om te controleren of leerlingen lesstof begrepen hebben bijvoorbeeld)

    Flipgrid

    Flipgrid is een tool waarmee leerlingen korte video’s kunnen maken als reactie op vragen of opdrachten.

    Tip om Flipgrid te gebruiken in je les:

    • Laat leerlingen een korte uitlegvideo maken over een onderwerp uit de les.
    • Laat leerlingen een boekverslag maken in de vorm van een vlog met Flipgrid.

    Plickers

    Met Plickers kan je een quiz of oefentoets afnemen in de klas met behulp van kaartjes. Dat is wel handig, aangezien leerlingen geen telefoon gebruiken in de klas en een laptop niet altijd wenselijk is.

    Je moet als docent zelf de app downloaden en een quiz/oefentoets aanmaken voor je leerlingen. Daarna kan je antwoordkaartjes printen. Je draait de quiz zelf op het bord en leerlingen geven met behulp van de kaartjes antwoord. Deze antwoordkaartjes gebruiken de leerlingen dan om antwoord te geven. Je moet als docent zelf de kaartjes scannen met behulp van de app op je telefoon.

    Als je zelf niet graag je telefoon gebruikt in de klas, is dit misschien niet zo’n hele goede optie. Maar het is wel leuk om een keer te gebruiken bij het activeren van voorkennis of bij het controleren of leerlingen de lesstof begrepen hebben.

    Edpuzzle

    Edpuzzle maakt het mogelijk om video’s interactief te maken door er vragen of opmerkingen aan toe te voegen. Je kunt ook van je lesmateriaal een video maken. Op die manier kan je leerlingen actief naar een video laten kijken.

    Tip om Edpuzzle te gebruiken in je les:

    • Voeg aan een video korte meerkeuzevragen of open vragen toe om te checken of leerlingen de belangrijkste punten begrijpen.

    Digitale les: aanslagen in Parijs

    lesmateriaal aanslagen parijs

    Op vrijdag 13 november 2015 vonden verschrikkelijke aanslagen plaats in Parijs. Er kwamen hierbij meer dan 120 mensen om het leven. Veel mensen waren gewond.

    In deze opdracht ga je onderzoeken wat er op deze dag is gebeurd. Maar ook onderzoek je waarom deze aanslag juist in Frankrijk plaatsvond. Je kruipt in de huid van een journalist en schrijft een nieuwsbericht over deze gebeurtenis.

    Doorgaan met het lezen van “Digitale les: aanslagen in Parijs”

    Webapp: Thinglink

    thinglink

    Een afbeelding kan veel meer zijn dan alleen maar een plaatje. Met de webapplicatie Thinglink kun je zelf interactieve afbeeldingen maken. Als je met je muis over de afbeelding gaat kun je zogenaamde ‘hotspots’ toevoegen. Zodat de leerlingen tekst ter verduidelijking of een YouTube filmpje te zien krijgen. Hoe maak je zelf een interactieve afbeelding? En hoe kun je dit toepassen in de les?

    Doorgaan met het lezen van “Webapp: Thinglink”